FAQ

Hieronder vindt u een overzicht van de meest voorkomende vragen over de PG-SGA en de Pt-Global app.
Neem gerust contact met ons op via info@pt-global.org of via het contactformulier indien u een andere vraag heeft.


1. Kan ik de PG-SGA© gebruiken in de praktijk?

Ja. De PG-SGA© wordt gebruikt in verschillende settings: klinisch, poliklinisch, thuiszorg en hospice. Het gebruik van hetzelfde instrument in alle settings zorgt ervoor dat op consistente wijze patiënten met (risico op) ondervoeding geïdentificeerd kunnen worden. Ook zorgt het ervoor dat effectiviteit van voedingsinterventie op systematische wijze gemeten kan worden, binnen de gehele zorgketen. Het effect van interventie kan uiteraard verschillen per setting, maar vroegtijdige identificatie en behandeling van (risicofactoren voor) ondervoeding hebben een positief effect op de klinische uitkomsten en mogelijk kosten van de gezondheidszorg.

► Klinisch: Als de patiënt wordt opgenomen in het ziekenhuis en al bij opname gewichtsverlies heeft, is het belangrijk om na te denken over de interventie (voedings- en/of symptoombestrijding ) in plaats van te wachten tot de patiënt een complicatie krijgt of een langere ziekenhuisopname zal hebben. Nog belangrijker is om bij voorkeur al op moment van diagnose de patiënt te beoordelen, en zo nodig interventie te starten, om (verdere) verslechtering van de voedingstoestand te voorkomen.

In 2003 hebben Mobley et al. (Amerikaanse Leger, Walter Reed Medical Center, Washington DC; abstract ADA) beschreven dat de PG-SGA© de enige beste voorspeller was van klinische resultaten in termen van duur van het verblijf in het ziekenhuis voor medische, chirurgische of oncologische patiënten (n =63). Assessments werden uitgevoerd binnen 48 uur na opname en de patiënten werden gevolgd tot ontslag. Getrainde diëtisten voerden een PG-SGA© uit met aanvullende bepalingen, waaronder antropometrische metingen (lengte, gewicht, tricepshuidplooi en bovenarmomtrek), BMI, percentage van gebruikelijke lichaamsgewicht, percentage van gewenst gewicht en bovenarmspieromtrek, handknijpkracht en laboratoriumwaarden zoals albumine, hematocriet, hemoglobine, ureum, stikstof en creatinine in het bloed. Gegevens werden geanalyseerd met stapsgewijze meervoudige lineaire regressiemodellen (significantie P<0,05).

Uit de resultaten van deze studie bleek de PG-SGA© de enige beste voorspeller van de opnameduur. De auteurs suggereerden dat op basis van de bevindingen uit het onderzoek de PG-SGA© een waardevol screeningsinstrument was om patiënten die intensieve voedingstherapie vereisen te kunnen identificeren, met name in het ziekenhuis waar laboratoriumgegevens beperkt zijn en/of niet beschikbaar. Bovendien kan dergelijke vroege voedingsinterventie bij patiënten met verhoogde PG-SGA scores leiden tot betere klinische resultaten.

In de jaren erna is de relatie tussen de PG-SGA© en klinische beloop en kwaliteit van leven opnieuw aangetoond in verscheidene onderzoeken (bijvoorbeeld Bauer et al., 2002; Isenring et al., 2003; Campbell et al., 2008; Shahmoradi et al., 2009; Laky et al., 2010; Capuano et al., 2010; Zalina et al., 2012; Esfahani et al., 2013; Citak et al., 2013; Malihi et al., 2013; Mohammadi et al., 2013).

► Poliklinisch: De PG-SGA© is op grote schaal gebruikt als een methode ter bevordering van het stroomlijnen van de doorstroming van het zorgproces, met het voordeel van efficiënte en consistente beoordeling van het gewicht en gewichtsverloop, voedselinname, voedingsgerelateerde symptomen en het functioneren (performance status). In veel zorginstellingen vult de patiënt de PG-SGA© in de wachtkamer of de spreekkamer in. Dit scheelt tijd voor de zorgprofessional en faciliteert de professional om hun beperkte tijd te besteden aan de aanpak van de problemen in plaats van de tijd te besteden aan het stellen van vragen.

► Eerste lijn: De PG-SGA© heeft in de eerste lijn dezelfde voordelen als in andere settings.

► Hospice: In deze setting zijn de aspecten van gestandaardiseerde, door de patiënt zelf gerapporteerde symptomen en kwaliteit van leven in de context van functionaliteit, gewicht en voeding extra belangrijk.

2. Kan ik de PG-SGA© gebruiken in onderzoek?

Ja. De PG-SGA© is wereldwijd breed gebruikt in meerdere verschillende patiëntenpopulaties en instellingen. Gedurende de afgelopen twee decennia is de PG-SGA© en de Short Form (PG-SGA SF© of abridged version) de basis geweest voor bijna 200 publicaties en wetenschappelijke presentaties, meerdere mastertheses en proefschriften, hoofdstukken in boeken en scholingsprogramma’s. Daarbij is de PG-SGA© formeel vertaald, maar ook beoordeeld op juistheid door professionals.

Let op: de PG-SGA© en haar subonderdelen, nl. de PG-SGA Short Form© (PG-SGA SF, Vak 1 t/m 4) en de Pt-Global app©, zijn auteursrechtelijk beschermd en geregistreerde instrumenten. Voorafgaand aan alle gebruik buiten die in de directe patiëntenzorg is toestemming nodig van Faith Ottery, MD, PhD. Zie ook FAQ nr. 6.

3. In welke populaties kan de PG-SGA© worden gebruikt?

In de oorspronkelijke studie waarin het scoring systeem werd gevalideerd (1996), was de groep oncologiepatiënten het grootst (long-, prostaat-, colon-, rectum-, slokdarm-, cervixkanker, NHL, melanoom), maar bevatte de patiëntenpopulatie ook patiënten met eindstadium nierfalen en Diabetes Mellitus. Vervolgens zijn resultaten gepubliceerd of gerapporteerd, waarbij de PG-SGA© in de volgende patiëntengroepen is gebruikt: kanker (long-, gastrointestinaal – algemeen of maag-, slokdarm-, maag-, rectum-, colorectum-, hoofd-hals-, gynaecologisch, urologisch , acute leukemie, multipel myeloom), hematologische stamceltransplantatie, CVA, HIV, ziekte van Parkinson, geriatrie, chronische nierziekte, hemodialyse, radiotherapie of chemoradiotherapie en andere.

Het gebruik van hetzelfde instrument bij verschillende populaties zorgt ervoor dat op consistente wijze patiënten met (risico op) ondervoeding geïdentificeerd kunnen worden. Ook zorgt het ervoor dat effectiviteit van voedingsinterventie op systematische wijze gemeten kan worden, binnen de gehele zorgketen. Daarbij kunnen uitkomsten tussen verschillende populaties met elkaar worden vergeleken.

Het effect van interventie kan uiteraard verschillen per populatie, maar vroegtijdige identificatie en behandeling van (risicofactoren voor) ondervoeding hebben een positief effect op de klinische uitkomsten en mogelijk kosten van de gezondheidszorg.

4. In welke zorgsettings kan de PG-SGA© worden gebruikt?

De PG-SGA wordt gebruikt in verschillende settings: klinisch, poliklinisch, thuiszorg en hospice. Het gebruik van hetzelfde instrument in alle settings zorgt ervoor dat op consistente wijze patiënten met (risico op) ondervoeding geïdentificeerd kunnen worden. Ook zorgt het ervoor dat effectiviteit van voedingsinterventie op systematische wijze gemeten kan worden, binnen de gehele zorgketen. Het effect van interventie kan uiteraard verschillen per setting, maar vroegtijdige identificatie en behandeling van (risicofactoren voor) ondervoeding hebben een positief effect op de klinische uitkomsten en mogelijk kosten van de gezondheidszorg.

► Klinisch: Als de patiënt wordt opgenomen in het ziekenhuis en al bij opname gewichtsverlies heeft, is het belangrijk om na te denken over de interventie (voedings- en/of symptoombestrijding) in plaats van te wachten tot de patiënt een complicatie krijgt of een langere ziekenhuisopname zal hebben. Nog belangrijker is om bij voorkeur al op moment van diagnose de patiënt te beoordelen, en zo nodig interventie te starten, om (verdere) verslechtering van de voedingstoestand te voorkomen.

In 2003 hebben Mobley et al. (Amerikaanse Leger, Walter Reed Medical Center, Washington DC; abstract ADA) beschreven dat de PG-SGA© de enige beste voorspeller was van klinische resultaten in termen van duur van het verblijf in het ziekenhuis voor medische, chirurgische of oncologische patiënten (n =63). Assessments werden uitgevoerd binnen 48 uur na opname en de patiënten werden gevolgd tot ontslag . Getrainde diëtisten voerden een PG-SGA© uit met aanvullende bepalingen, waaronder antropometrische metingen (lengte, gewicht, tricepshuidplooi en bovenarmomtrek ), BMI, percentage van gebruikelijke lichaamsgewicht, percentage van gewenst gewicht en bovenarmspieromtrek, handknijpkracht en laboratoriumwaarden zoals albumine, hematocriet, hemoglobine, ureum, stikstof en creatinine in het bloed. Gegevens werden geanalyseerd met stapsgewijze meervoudige lineaire regressiemodellen (significantie P<0,05).

Uit de resultaten van deze studie bleek de PG-SGA© de enige beste voorspeller van de opnameduur. De auteurs gesuggereerd dat op basis van de bevindingen uit het onderzoek de PG-SGA© een waardevol screeningsinstrument was om patiënten die intensieve voedingstherapie vereisen te kunnen identificeren, met name in het ziekenhuis instellingen waar laboratoriumgegevens beperkt zijn en/of niet beschikbaar. Bovendien kan dergelijke vroege voedingsinterventie bij patiënten met verhoogde PG-SGA scores leiden tot betere klinische resultaten.

In de jaren erna is de relatie tussen de PG-SGA© en klinische uitkomst, en levenskwaliteit opnieuw aangetoond in verscheidene onderzoeken (bijvoorbeeld Bauer et al., 2002; Isenring et al., 2003; Campbell et al., 2008; Shahmoradi et al., 2009; Laky et al., 2010; Capuano et al., 2010; Zalina et al., 2012; Esfahani et al., 2013; Citak et al., 2013; Malihi et al., 2013; Mohammadi et al., 2013).

► Poliklinisch: De PG-SGA© is op grote schaal gebruikt als een methode ter bevordering van het stroomlijnen van de doorstroming van het zorgproces, met het voordeel van efficiënte en consistente beoordeling van het gewicht en gewichtsverloop, voedselinname, voedingsgerelateerde symptomen en het functioneren (performance status). In veel zorginstellingen vult de patiënt de PG-SGA© in de wachtkamer of de spreekkamer in. Dit scheelt tijd voor de zorgprofessional en faciliteert de professional om hun beperkte tijd te besteden aan de aanpak van de problemen in plaats van de tijd te besteden aan het stellen van vragen.

► Eerste lijn: De PG-SGA© heeft in de eerste lijn dezelfde voordelen als in andere settings.

► Hospice: In deze setting zijn de aspecten van gestandaardiseerde, door de patiënt zelf gerapporteerde symptomen en kwaliteit van leven in de context van functionaliteit, gewicht en voeding extra belangrijk.

5. Moet ik toestemming vragen om de PG-SGA© en/of Pt-Global app© te kunnen gebruiken in de klinische praktijk?

De Patient-Generated Subjectieve Global Assessment (PG-SGA©) en haar subonderdelen, nl. de PG-SGA Short Form© (PG-SGA SF, Vak 1 t/m 4) en de Pt-Global app© zijn auteursrechtelijk beschermd en geregistreerde instrumenten. Door het downloaden van de meest recente versie van de PG-SGA© via de website of aankoop van de Pt-Global app© wordt automatisch toestemming verleend voor gebruik in uw klinische praktijk.

Indien u de PG-SGA© of Pt-Global app© in onderzoek gebruikt of in de toekomst wilt gaan gebruiken voor onderzoek, abstracts, publicaties, hoofdstukken in boeken, proefschriften etc., zie de FAQ “Moet ik toestemming vragen om de PG-SGA© of Pt-Global app te kunnen gebruiken in onderzoek?”.

6. Moet ik toestemming vragen om de PG-SGA© en/of Pt-Global app© te kunnen gebruiken in onderzoek?

Ja. De PG-SGA© en haar subonderdelen, nl. de PG-SGA Short Form© (PG-SGA SF, Vak 1 t/m 4) en de Pt-Global app© zijn auteursrechtelijk beschermd en geregistreerde instrumenten. Voorafgaand aan alle gebruik buiten die in de directe patiëntenzorg is toestemming nodig van Faith Ottery, MD, PhD.

Indien u de PG-SGA©, PG-SGA SF© of Pt-Global app© wilt gebruiken in onderzoek, dient het online aanvraagformulier te worden ingevuld en geretourneerd naar Dr. Ottery of info@pt-global.org.

Toestemming wordt verleend als een eenmalig gebruik voor het opgegeven project of publicatie. In het algemeen zal de toestemming voor een dergelijk gebruik niet worden geweigerd, behalve onder bijzondere omstandigheden en de reden voor een dergelijke inhouding zal worden verklaard door Dr. Ottery. Het doel van het vereisen van dit formulier is om gegevens over het gebruik van de PG-SGA© te beheren. Eventuele vragen kunnen worden gericht aan Dr. Ottery of info@pt-global.org.

NB Bij publicatie van de resultaten is het belangrijk om de PG-SGA© te gebruiken als trefwoord, zodat een volledige bibliografie van relevante artikelen beschikbaar is voor onderzoekers en professionals.

7. Hoeveel tijd is nodig om de PG-SGA af te nemen?

De PG-SGA© is een patiëntgegenereerde evaluatie. Voor patiënten, afhankelijk van hun klinische toestand, leesvaardigheid en zicht, kost het meestal minder dan drie minuten om het patiëntdeel in te vullen. Voor sommige patiënten kan het langer duren. Voor de professional die de PG-SGA© routinematig gebruikt, duurt het scoren van het patiëntdeel van de PG-SGA© (Vak 1 t/m 4) minder dan 1 minuut.

De tijd die nodig is voor de uitvoering van het voedingskundig lichamelijk onderzoek zal afhangen van de professionele ervaring en de mate waarin iemand zich vertrouwd voelt met het onderzoek. Het voedingskundig lichamelijk onderzoek kan als een integraal onderdeel van het routine patiëntonderzoek worden uitgevoerd. Het toekennen van punten aan het voedingskundig lichamelijk onderzoek binnen de Pt-Global app© wordt automatisch door de software in de app uitgevoerd. De resultaten ervan worden weergegeven in het Resultatenscherm.

Voor professionals die regelmatig lichamelijk onderzoek uitvoeren, kost het lichamelijk onderzoek in de PG-SGA© geen extra tijd. Vooral de globale aspecten van spiertonus (spierspanning) en spiermassa, vetmassa en de vochtstatus zijn dan al onderdeel van het routineonderzoek bij de patiënt.

Voor professionals die niet veel ervaring met lichamelijk onderzoek hebben, of die er niet aan gedacht hebben vanuit voedingskundig oogpunt, zijn een globale beoordeling van de spieren, vet en vocht het enige wat nodig is, in plaats van het uitvoeren van alle afzonderlijke locaties in het lichaam zoals aangegeven op de tweede pagina van het PG-SGA© formulier. De mate van gedetailleerdheid van het voedingskundig lichamelijk onderzoek was ontwikkeld in samenwerking met de Oncology Nutrition Dietetics Practice group of the Academy of Nutrition and Dietetics (1996) als een hulpmiddel voor diëtisten, toen lichamelijk onderzoek niet zo op grote schaal uitgevoerd werd door paramedici. Het is belangrijk om te weten dat de totale score van het voedingskundig lichamelijk onderzoek 3 punten is (<8% van de totale potentiële score). Dit besef zet het lichamelijk onderzoek in perspectief, waarbij het een belangrijk, maar minder intimiderend onderdeel van de totale PG-SGA© assessment is.

8. Wat is het verschil tussen de numerieke PG-SGA score en de PG-SGA Categorie?

De PG-SGA© werd oorspronkelijk ontwikkeld als een continue score in plaats van categorische beoordeling, terwijl oorspronkelijk de SGA werd beschouwd als een categorische beoordeling (A = Goed gevoed, B = Matig ondervoed of verdenking van ondervoeding en C = Ernstig ondervoed).

Dr. Jeejeebhoy, Dr. Detsky en Dr. Baker ontwikkelden de SGA aan de Universiteit van Toronto, welke voor het eerst gepubliceerd werd in een bruikbare vorm in 1987. De PG-SGA© breidde de informatie uit, maar komt nauw overeen met de informatie van de SGA. Het is interessant dat na de ontwikkeling van de Scored PG-SGA© een aantal varianten op de SGA zijn ontwikkeld, waarbij een scoresysteem is opgenomen.

Om het gebruik van de PG-SGA© op grotere schaal te vergemakkelijken daar waar voedingsscreening en assessment niet waren geïntegreerd in routinezorg van de arts, hebben de makers van de Scored PG-SGA© (Ottery, Kasenic en DeBolt) in samenwerking met input van patiënten van het Fox Chase Cancer Center in Philadelphia begin jaren ’90 een gestandaardiseerde vorm ontwikkeld, die patiënten invulden tijdens het wachten op hun arts, verpleegkundige of diëtist. Kort daarna werd een scoresysteem ontwikkeld, welke is gevalideerd in de setting van een vrijwilligers onderzoeksnetwerk door de Society of Nutritional Oncology Adjuvant Therapy (NOAT) in 1996, waaraan internationaal ongeveer 2150 patiënten in 55 instellingen hebben deelgenomen.

9. Is het uitvoeren van het lichamelijk onderzoek in de PG-SGA© verplicht?

Het uitvoeren van het globale lichamelijk onderzoek is niet verplicht, maar wel belangrijk. Het lichamelijk onderzoek is nodig om de PG-SGA Categorie te kunnen bepalen, aangezien deze is gebaseerd op Vak 1 t/m 4 van de papieren PG-SGA (ook bekend als de PG-SGA Short Form©, dat in de Pt-Global app© overeenkomt met de onderdelen Patiënt, Gewicht, Inname, Symptomen en Activiteit) plus het lichamelijk onderzoek (Werkblad 4 in de papieren versie en tabblad Professional – Lichamelijk onderzoek in de Pt-Global app©).

Voor de numerieke PG-SGA is het belangrijk te weten dat het grootste gedeelte (doorgaans 80-90%) van de totale PG-SGA numerieke score is gebaseerd op de door de patiënt ingevulde items (de PG-SGA Short Form©).

Ook is het is belangrijk op te merken dat de spiermassa en -tonus, vetreserves en vochtstatus slechts globaal dienen te worden beoordeeld. De lichaamslocaties die in Werkblad 4 worden genoemd dienen slechts ter ondersteuning van het globale lichamelijk onderzoek en zijn niet bedoeld als verplichte items die allemaal moeten worden beoordeeld. Het totale aantal punten dat op het lichamelijk onderzoek kan worden gescoord is ook slechts 3 punten. Zelfs als men niet zeker is of het tekort matig versus ernstig is, of mild versus matig, zou het verschil slechts 1 punt zijn. Velen vinden de het uitvoeren van het lichamelijk onderzoek hierdoor minder intimiderend.

Ook kan het uitvoeren van het lichamelijk onderzoek meer inzicht geven voor de professional. Zo kan de verdeling van het verlies van spiermassa belangrijk zijn. Als de patiënt het grootste deel van haar tijd in bed of stoel verblijft, zal het verlies van spiermassa beneden de taille een combinatie van ‘disuse atrofie’ (verlies van spiermassa door gebrek aan lichamelijke activiteit) én ondervoeding zijn. Daarentegen is het verlies van spiermassa boven de taille meer gerelateerd aan ondervoeding. Daarnaast kan het lichamelijk onderzoek ook specifieke voedingstekorten aan het licht brengen die niet specifiek onderdeel zijn van de PG-SGA©, zoals schilferige dermatitis bij zinkdeficiëntie (en slechte wondgenezing), bij patiënten met chronisch hoogvolume GI verliezen, of een soortgelijke schilferende dermatitis bij tekort aan essentiële vetzuren bij een patiënt die waarbij geen lipiden zijn toegevoegd aan parenterale voeding.

10. Welke afkapwaarden voor de aanbevelingen voor triage moet ik gebruiken bij het gebruik van de PG-SGA Short Form©?

Er zijn geen duidelijke aanwijzingen dat de afkapwaarden voor de PG-SGA Short Form© anders moeten zijn dan die worden gebruikt in de volledige PG-SGA©. Hoewel in theorie een onderschatting, maar geen overschatting,  van de score kan ontstaan bij gebruik van alleen de PG-SGA SF©, is het belangrijk op te merken dat de meerderheid (doorgaans 80-90% van de score voor een bepaalde patiënt) van de totale PG-SGA numerieke score wordt gebaseerd op de patiëntgegenereerde aspecten (PG-SGA Short Form©). In het algemeen is het nogal onwaarschijnlijk dat een patiënt laag scoort op de PG-SGA Short Form© en hoog op het professional-deel (Werkblad 2 t/m 4).

Er is wereldwijd onderzoek gaande waarin de PG-SGA© wordt gebruikt, waarbij tevens studies zijn gepubliceerd over de PG-SGA Short Form, in de literatuur ook wel bekend als de ‘abridged PG-SGA’. De prospectieve studie van Vigano et al. (Vigano AL, di Tomasso J, Kilgour RD, Trutschnigg B, Lucar E, Morais JA, Borod M. The Abridged Patient-Generated Subjective Global Assessment Is a Useful Tool for Early Detection and Characterization of Cancer Cachexia. Acad J Nutr Diet 2014;114(7):1088-98), die werd uitgevoerd bij 207 patiënten met geavanceerde long- en gastro-intestinale kanker, toonde aan dat ≥9 punten op basis van de PG-SGA Short Form© geassocieerd was met ongunstige biologische markers van kankercachexie, verminderde antropometrische en fysieke parameters, zoals de BMI, vetmassa, handknijpkracht en beenkracht, een gemiddeld 12% langere opnameduur in het ziekenhuis, een verlaging van de dosis chemotherapie en verhoogde mortaliteit.

De studie van Gabrielson et al. (Gabrielson DK, Scaffidi D, Leung E, Stoyanoff L, Robinson J, Nisenbaum R, Brezden-Masley C, Darling PB. Use of an abridged scored Patient-Generated Subjective Global Assessment (abPG-SGA) as a nutritional screening tool for cancer patients in an outpatient setting. Nutr Cancer 2013;65(2):234-9) uitgevoerd in 90 poliklinische oncologische patiënten vertoonde een area under curve van 0,956 voor de PG-SGA Short Form©. In deze studie werden ≥6 punten en ≥7 punten onderzocht als afkapwaarden voor sensitiviteit en specificiteit van de PG-SGA SF© ten opzichte van de PG-SGA Categorieën (A-Goed gevoed versus B / C-Matig ondervoed of verdenking van ondervoeding / Ernstig ondervoed). De afkapwaarde van ≥6 punten resulteerde in 93,8 sensitiviteit en 77,6 specificiteit. Een afkapwaarde van ≥7 punten verbeterde de specificiteit tot 89,7, maar verlaagde de sensitiviteit naar 84,4.

De te gebruiken optimale afkapwaarde is afhankelijk van de doelstellingen van het behandelteam dat het instrument in de klinische praktijk gebruikt, bv. streven naar preventie of behandeling van ondervoeding, bieden van ondersteuning voor het uitbreiden of handhaven van de diëtist binnen de instelling en/of diverse soorten klinisch onderzoek. Daarom kan iedere organisatie zijn eigen keuzes maken ten aanzien van de te gebruiken afkapwaarde voor verwijzing naar de diëtist en andere disciplines. Echter, in de context van onderzoek dient de triage zoals beschreven in de volledige PG-SGA© te worden gehandhaafd, totdat resultaten uit onderzoek aanwijzingen geven dat de triage dient te worden aangepast. 

11. Hoe kan ik leren om de PG-SGA© te gebruiken?

Op de pagina Bronnen van de Pt-Global website zijn een aantal bronnen en materialen te vinden, ter toelichting op de rationale, werkwijze en het scoresysteem van de PG-SGA©.

Op de Hanzehogeschool Groningen worden regelmatig seminars gegeven over de PG-SGA©. Daarnaast kunnen Dr. Ottery, Dr. Jager-Wittenaar en anderen die de PG-SGA© op grote schaal hebben gebruikt en deel uitmaken van de Pt-Global Scientific Advisory Board of Research Consortium een scholing of workshop in uw instelling geven. Momenteel wordt vanuit de Innovatiewerkplaats Clinical Malnutrition dan ook gewerkt aan het opzetten van een structureel scholingsprogramma. In de toekomst zullen ook online trainingen mogelijk zijn.

Neem gerust contact met ons op via info@pt-global.org of het contactformulier voor specifieke wensen of informatie.

12. Kan de patiënt zelfstandig het patiëntdeel van de PG-SGA© invullen?

De PG-SGA© is ontwikkeld voor zelfstandig gebruik door de patiënt. Uiteraard zijn er een aantal situaties waarbij dat onmogelijk kan zijn, bv. bij ernstige visuele beperkingen, niet goed kunnen lezen, of het niet beschikbaar zijn van de PG-SGA© in de betreffende taal waarin de patiënt communiceert. Echter, met uitzondering van deze belemmeringen is het altijd beter dat de patiënt zelf de PG-SGA© invult, gezien de in te vullen aspecten rondom voedingsinname, symptomen (die de patiënt soms niet vertelt aan familie, verpleegkundige of arts, maar desondanks invloed heeft op het vermogen op de adequate opname van macro- en micronutriënten) en functionele status.

13. Is de PG-SGA© een gevalideerd instrument?

Predictieve validiteit van de PG-SGA© (bijv. significante relatie met opnameduur in het ziekenhuis) is aangetoond bij patiënten met kanker (Laky et al., 2010) en niet-oncologische chirurgische patiënten (Huang et al., 2014). Bovendien is de PG-SGA score in verband gebracht met heropnames in het ziekenhuis (Bauer et al., 2002), de duur van neutropenische koorts bij patiënten met acute leukemie tijdens inductiechemotherapie (Esfahani et al., 2013) en de kwaliteit van leven van zowel patiënten met kanker (Citak et al., 2013; Malihi et al., 2013; Mohammadi et al., 2013; Zalina et al., 2012; Capuano et al., 2010; Shahmoradi et al., 2009; Isenring et al., 2003) en niet-kankerpatiënten (Campbell et al., 2008). Voor een volledig overzicht van studies waarin de PG-SGA© is gebruikt zie Publicaties.

Naast de volledige PG-SGA© is ook de PG-SGA Short Form© (ook bekend als abridged PG-SGA) onderzocht. Ook hogere scores op de PG-SGA Short Form© zijn gerelateerd aan een langere opnameduur in het ziekenhuis, reductie in chemotherapie (verminderde tolerantie van de chemotherapie) en verhoogde mortaliteit (Vigano et al., 2014).

14. Wat betekent 'patient-generated'?

De originele SGA werd ontwikkeld als een assessment tool, dat diende te worden uitgevoerd door een professional – aanvankelijk de arts , maar dit is uitgebreid naar andere professionals, zoals diëtisten en verpleegkundigen.

De ontwikkelaars van de PG-SGA© hebben gekozen voor ‘patient-generated’ data, wat betekent dat de patiënt zelf een groot deel van de gegevens invult, in plaats van gebruik te maken van de meest gebruikte vraag en antwoord aanpak. Hiervoor waren twee belangrijke redenen.

1) het juiste gebruik van de beperkte beschikbare tijd van de professional
Professionals kunnen het erover eens zijn dat de voedingstoestand, assessment en interventie belangrijk zijn, maar als de beschikbare tijd beperkt is, is de screening/assessment meestal zeer beperkt in omvang of wordt zelfs helemaal niet uitgevoerd binnen het reguliere bezoek aan de professional.

Gebruik van de PG-SGA© maakt het mogelijk dat de patiënt deze belangrijke informatie invult tijdens het wachten op de professionele voorafgaand aan het bezoek (in de wachtkamer, onderzoekskamer, of thuis op de dag van het bezoek). Deze benadering diende twee doelen. Ten eerste zorgt het ervoor dat nutritional assessment onderdeel uitmaakt van het bezoek van de patiënt. Ten tweede stroomlijnt het gebruik van de PG-SGA© het bezoek en zorgt het ervoor dat het de interactie tussen professional en patiënt verbetert. In plaats van het besteden van tijd aan het stellen van vragen, kan de PG-SGA© de patiënt helpen problemen te identificeren die in het gesprek met de professional moeten worden besproken.

Aangezien er talrijke publicaties en studies zijn die het belang van de voedingstoestand, vooral eiwit- en spierstatus als voorspellers van klinische resultaten ondersteunen, is het noodzakelijk dat de voedingsinname- en voedingstoestand tijdens elk patiëntbezoek wordt besproken, vooral bij chronische katabole en potentieel invaliderende medische aandoeningen zoals kanker, HIV/AIDS, chronische long- en hartziekten, trauma, aandoeningen/behandelingen zoals radiotherapie, behandeling van hematologische maligniteiten of exacerbaties van inflammatoire darmziekten waarbij hoge doses corticosteroïden kunnen worden gebruikt gedurende meer dan enkele dagen etc.

Sommige professionals kunnen het gevoel hebben dat “behandelen en genezen” of “verwijderen” van de onderliggende oorzaak van de afbraak van de spieren de enige manier is om de katabolie te stoppen. Hoewel dit een belangrijke component is, kan een individu zeer aanzienlijke hoeveelheden gewicht verliezen (bijvoorbeeld voornamelijk spiermassa en verslechterde eiwitstatus met daaraan gerelateerde verminderde afweer) totdat dit doel wordt bereikt.

2) betrokkenheid van de patiënt – identificatie en empowerment
Betrokkenheid van de patiënt zorgt ervoor dat de kern van het probleem wordt aangepakt.

In de validering van het puntenscoresysteem in 1996 met 2150 patiënten en 55 centra hebben meer dan 1/3 van de professionals aangegeven dat het gebruik van de PG-SGA© hun beoordeling van behandelbare (risico op) ondervoeding risico veranderden. Beoordelaars in de studie waren diëtisten (52%), verpleegkundigen (40%), artsen (0,1%), anderen (8%).

Belangrijk is dat de PG-SGA© de patiënt bij de klinische proces betrekt en hem/haar een deel van de controle die ze gevoelsmatig hebben verloren door het patiënt zijn teruggeeft. Doordat de patiënt het formulier invult, krijgt men de informatie vanuit zijn/haar perspectief, waarbij symptomen waarvan noch familie noch professionals zich bewust waren (misschien vanuit het perspectief van schaamte of niet willen “klagen”) geïdentificeerd kunnen worden. Als de invullijst in de moedertaal van de patiënt is (het doel van de meertalige app op lange termijn), kan het vermogen van de patiënt om een onderdeel te zijn van de zorg aanzienlijk worden verbeterd.

15. Kan de PG-SGA© patiënten classificeren als anabool of katabool ?

Bij het gebruik van de PG-SGA© of Pt-Global app© is het belangrijk de patiënt te beoordelen in de context van anabool of katabool. Spierweefsel/gewichtstoename dat niet is veroorzaakt door vochtophoping neigt naar anabolie (positieve stikstof balans), terwijl spierweefsel/gewichtsafname dat niet is veroorzaakt door dehydratie neigt naar katabolie bij een zieke patiënt. Gewicht en lichamelijk onderzoek zijn surrogaatmarkers voor anabolie of katabolie.

Als een patiënt anabool is, zal het gewicht waarschijnlijk verbeteren (stoppen of vertragen van gewichtsverlies of gewichtstoename), terwijl als de patiënt katabool is, het gewicht kan afnemen en van de spierstatus kan verslechteren, zoals te beoordelen met het lichamelijk onderzoek. De beste praktische klinische benadering van anabole competentie (positieve stikstof balans) is een stikstofbalans, waarbij 24 uurs stikstof in ureum wordt vergeleken met de berekende stikstofinname uit eiwit. Als er meer stikstof via urine verloren gaat dan via de voeding wordt ingenomen, dan verkeert de patiënt in een negatieve stikstofbalans. Indien meer stikstof via voedingseiwit wordt ingenomen dan verloren gaat via de urine, dan heeft de patiënt een positieve stikstofbalans. Iemand kan alleen anabool zijn ingeval van een positieve stikstofbalans.

Praktische overweging: Voor opgenomen patiënten (en vaak ook voor poliklinische patiënten), is de zondag meestal de beste dag om de urine voor de stikstofbalans te verzamelen, want zondag worden gekenmerkt door minder tests, minder procedures, minder activiteiten en verzameling van de urine is dan over het algemeen veel gemakkelijker voor de patiënt en personeel.

Het andere voordeel van het uitvoeren van de stikstofbalansmeting is dat men zeer specifiek kan bepalen hoeveelheid stikstof (eiwit) dient te worden toegevoegd aan de inname om katabolie om te zetten in anabolie. Soms kunnen patiënten in veel sterkere mate katabool zijn dan gedacht kan veel meer katabole dat men zich realiseert. Juist met het bepalen van de benodigde extra eiwitinname kan dit in een veel korter en preciezer tijdsbestek het gestelde doel bereikt worden.

16. Waarom dient het gewichtsverlies van de afgelopen maand te worden gebruikt als het gewichtsverlies van de laatste 6 maanden ook beschikbaar is?

Bij het gebruik van de PG-SGA© of Pt-Global app© is het belangrijk de patiënt te beoordelen in de context van anabool of katabool. Spierweefsel/gewichtstoename dat niet is veroorzaakt door vochtophoping neigt naar anabolie (positieve stikstof balans), terwijl spierweefsel/gewichtsafname dat niet is veroorzaakt door dehydratie neigt naar katabolie bij een zieke patiënt.

Informatie over het gewichtsverloop wordt verzameld langs een continuüm: verandering in de afgelopen 6 maanden (chronisch), afgelopen maand (subacuut), en in de afgelopen 2 weken (acuut). Bijvoorbeeld als het gewicht van de patiënt 6 maanden geleden 100 kg is en het daalt of stijgt vervolgens met 10% (bijvoorbeeld van 100 kg naar respectievelijk 90 kg of 110 kg), dan laat het meest recente gewicht weten wat er met de patiënt gaande is op korte termijn, met betrekking tot metabolisme.

Als het gewicht is afgenomen, is dat mogelijk gerelateerd aan de behandeling of een slechte symptoomcontrole. Als het gewicht is toegenomen, heeft er mogelijk uitstekende interventie door de professional plaatsgevonden, wat voorheen ongecontroleerde ziekte of ziektegerelateerd gewichtsverlies was. Veranderingen in de afgelopen twee weken zijn een graadmeter van wat er nu metabool of fysiologisch gaande is in de patiënt.

Indien beschikbaar wordt de gewichtsverandering in de afgelopen maand gebruikt, want het gaat om de subacute situatie welke prognostische implicaties heeft.

17. Hoe dient Activiteiten/Functioneren te worden gescoord als de patiënt de eerste 2 weken van de laatste maand normaal actief was, maar de laatste 2 weken vrij veel in bed lag?

Als de patiënt bedlegerig was met weinig fysiotherapie of krachttraining, is er waarschijnlijk sprake van aanzienlijk verlies van spiermassa. Zelfs 1 week volledige bedrust kan bij gezonde mannelijke vrijwilligers worden geassocieerd met tot 4% verlies van spiermassa, als gevolg van verminderde eiwitsynthese.

Als de patiënt ziek is (katabool), koorts heeft of corticosteroïden gebruikt, kan stikstofverlies/spiermassaverlies aanzienlijk worden versneld en is een belangrijke reden dat de professional deze variabelen moeten overwegen in hun beoordeling van metabole stressoren bij de patiënt. Deze worden vaak vergeten en is de reden dat deze variabelen onderdeel zijn in het Professional deel van de PG-SGA© en de Pt-Global app©.

18. Hoe moet ik aanzienlijk bedoeld gewichtsverlies scoren?

Dit is niet als zodanig specifiek gevalideerd. Het is echter interessant dat er situaties zijn waarbij kanker bij een patiënt werd gediagnosticeerd waarbij de patiënt kwam voor evaluatie omdat ze dachten dat ze bijzonder succesvol waren in het afvallen maar daarna verder gewichtsverlies niet konden voorkomen.

Het scoresysteem zou hetzelfde zijn – maar dan zou de professional het opzettelijk gewichtsverlies moeten bespreken en evalueren in welke mate het gewichtsverlies op een gezonde of niet gezonde manier is gerealiseerd.

19. Wordt de PG-SGA© opgenomen in een certificeringsprogramma?

Er is veel discussie hierover en de ontwikkelaars van de PG-SGA© en de Pt-Global app© en leden van onze Wetenschappelijke Adviesraad en Research Consortium zijn zeer geïnteresseerd om dit in de toekomst te realiseren. We houden u op de hoogte. Als u ideeën of opmerkingen hierover heeft, neem dan contact met ons op info@pt-global.org of door het invullen van het contactformulier.

1. Kan ik de Pt-Global app© gebruiken in de praktijk?

Ja. De Pt-Global app© kan worden gebruikt in verschillende settings: klinisch, poliklinisch, thuiszorg en hospice, net als de papieren versie van de PG-SGA©. Het gebruik van hetzelfde instrument in alle settings zorgt ervoor dat op consistente wijze patiënten met (risico op) ondervoeding geïdentificeerd kunnen worden. Ook zorgt het ervoor dat effectiviteit van voedingsinterventie op systematische wijze gemeten kan worden, binnen de gehele zorgketen. Het effect van interventie kan uiteraard verschillen per setting, maar vroegtijdige identificatie en behandeling van (risicofactoren voor) ondervoeding hebben een positief effect op de klinische uitkomsten en mogelijk kosten van de gezondheidszorg.

2. In welke populaties kan de Pt-Global app© worden gebruikt?

De Pt-Global app© kan worden gebruikt in elke doelgroep, inclusief ouderen, en in verschillende settings: klinisch, poliklinisch, thuiszorg en hospice. De rationale achter de PG-SGA©, het scoren van alle factoren die het risico kan verhogen op ondervoeding of ondervoeding kenmerken (verandering in gewicht, voedselinname, symptomen, activiteiten en functioneren, ziekte, metabole stress en (veranderde) lichaamssamenstelling) geldt voor elke populatie waarbij sprake kan zijn van (risico op) ondervoeding, inclusief ouderen.

Het gebruik van hetzelfde instrument bij verschillende populaties zorgt ervoor dat op consistente wijze patiënten met (risico op) ondervoeding geïdentificeerd kunnen worden. Ook zorgt het ervoor dat effectiviteit van voedingsinterventie op systematische wijze gemeten kan worden, binnen de gehele zorgketen. Daarbij kunnen uitkomsten tussen verschillende populaties met elkaar worden vergeleken.

In de oorspronkelijke studie waarin het scoringsysteem werd gevalideerd (1996), was de groep oncologiepatiënten het grootst (long-, prostaat-, colon-, rectum-, slokdarm-, cervixkanker, NHL, melanoom), maar bevatte de patiëntenpopulatie ook patiënten met eindstadium nierfalen en Diabetes Mellitus.

Vervolgens zijn resultaten gepubliceerd of gerapporteerd, waarbij de PG-SGA© in de volgende patiëntengroepen is gebruikt: kanker (long-, gastrointestinaal – algemeen of maag-, slokdarm-, maag-, rectum-, colorectum-, hoofd-hals-, gynaecologisch, urologisch , acute leukemie, multipel myeloom) , hematologische stamceltransplantatie, CVA, HIV, ziekte van Parkinson, geriatrie, chronische nierziekte, hemodialyse, radiotherapie of chemoradiotherapie en andere.

3. In welke zorgsettings kan de Pt-Global app© worden gebruikt?

De Pt-Global app kan worden in gebruikt in verschillende settings: klinisch, poliklinisch, thuiszorg en hospice. Het gebruik van hetzelfde instrument in alle settings zorgt ervoor dat op consistente wijze patiënten met (risico op) ondervoeding geïdentificeerd kunnen worden. Ook zorgt het ervoor dat effectiviteit van voedingsinterventie op systematische wijze gemeten kan worden, binnen de gehele zorgketen. Het effect van interventie kan uiteraard verschillen per setting, maar vroegtijdige identificatie en behandeling van (risicofactoren voor) ondervoeding hebben een positief effect op de klinische uitkomsten en mogelijk kosten van de gezondheidszorg.

► Klinisch: Als de patiënt wordt opgenomen in het ziekenhuis en al bij opname gewichtsverlies heeft, is het belangrijk om na te denken over de interventie (voedings- en/of symptoombestrijding) in plaats van te wachten tot de patiënt een complicatie krijgt of een langere ziekenhuisopname zal hebben. Nog belangrijker is om bij voorkeur al op moment van diagnose de patiënt te beoordelen, en zo nodig interventie te starten, om (verdere) verslechtering van de voedingstoestand te voorkomen.

In 2003 hebben Mobley et al. (Amerikaanse Leger, Walter Reed Medical Center, Washington DC; abstract ADA) beschreven dat de PG-SGA© de enige beste voorspeller was van klinische resultaten in termen van duur van het verblijf in het ziekenhuis voor medische, chirurgische of oncologische patiënten (n=63). Assessments werden uitgevoerd binnen 48 uur na opname en de patiënten werden gevolgd tot ontslag. Getrainde diëtisten voerden een PG-SGA uit met aanvullende bepalingen, waaronder antropometrische metingen (lengte, gewicht, tricepshuidplooi en bovenarmomtrek), BMI, percentage van gebruikelijke lichaamsgewicht, percentage van gewenst gewicht en bovenarmspieromtrek, handknijpkracht en laboratoriumwaarden zoals albumine, hematocriet, hemoglobine, ureum, stikstof en creatinine in het bloed. Gegevens werden geanalyseerd met stapsgewijze meervoudige lineaire regressiemodellen (significantie P<0,05).

Uit de resultaten van deze studie bleek de PG-SGA© de enige beste voorspeller van de opnameduur. De auteurs gesuggereerd dat op basis van de bevindingen uit het onderzoek de PG-SGA een waardevol screeningsinstrument was om patiënten die intensieve voedingstherapie vereisen te kunnen identificeren, met name in het ziekenhuis instellingen waar laboratoriumgegevens beperkt zijn en/of niet beschikbaar. Bovendien kan dergelijke vroege voedingsinterventie bij patiënten met verhoogde PG-SGA scores leiden tot betere klinische resultaten.

In de jaren erna is de relatie tussen de PG-SGA© en klinische uitkomsten en kwaliteit van levens opnieuw aangetoond in verscheidene onderzoeken (bijvoorbeeld Bauer et al., 2002; Isenring et al., 2003; Campbell et al., 2008; Shahmoradi et al., 2009; Laky et al., 2010; Capuano et al., 2010; Zalina et al., 2012; Esfahani et al., 2013; Citak et al., 2013; Malihi et al., 2013; Mohammadi et al., 2013).

► Poliklinisch: De PG-SGA© is op grote schaal gebruikt als een methode ter bevordering van het stroomlijnen van de doorstroming van het zorgproces, met het voordeel van efficiënte en consistente beoordeling van het gewicht en gewichtsverloop, voedselinname, voedingsgerelateerde symptomen en het functioneren (performance status). In veel zorginstellingen vult de patiënt de PG-SGA© in de wachtkamer of de spreekkamer in. Dit scheelt tijd voor de zorgprofessional en faciliteert de professional om hun beperkte tijd te besteden aan de aanpak van de problemen in plaats van de tijd te besteden aan het stellen van vragen.

► Eerste lijn: De PG-SGA© heeft in de eerste lijn dezelfde voordelen als in andere settings.

► Hospice: In deze setting zijn de aspecten van gestandaardiseerde, door de patiënt zelf gerapporteerde symptomen en kwaliteit van leven in de context van functionaliteit, gewicht en voeding extra belangrijk.

4. Kan ik de Pt-Global app© gebruiken in onderzoek?

Ja. De Pt-Global app© maakt consistente beoordeling van de voedingstoestand mogelijk, door de originele PG-SGA© algoritmen en het gebruik van gevalideerde vertalingen van de PG-SGA©. De PG-SGA© is uitgebreid gebruikt in meerdere verschillende patiëntenpopulaties en instellingen.

Gedurende de afgelopen twee decennia zijn de PG-SGA© en de PG-SGA Short Form© (PG-SGA SF of abridged PG-SGA) wereldwijd de basis geweest voor bijna 200 publicaties en wetenschappelijke presentaties, meerdere mastertheses en proefschriften, hoofdstukken in boeken en scholingsprogramma’s. Daarbij is de PG-SGA© formeel vertaald en beoordeeld op juistheid door professionals.

Let op: de PG-SGA© en haar subonderdelen, nl. de PG-SGA Short Form© (PG-SGA SF, Vak 1 t/m 4) en de Pt-Global app©, zijn auteursrechtelijk beschermd en geregistreerde instrumenten. Voorafgaand aan alle gebruik buiten die in de directe patiëntenzorg is toestemming nodig van Faith Ottery, MD, PhD. Zie ok FAQ nr. 6.

5. Moet ik toestemming vragen om de PG-SGA© en/of Pt-Global app© te kunnen gebruiken in de klinische praktijk?

De Patient-Generated Subjectieve Global Assessment (PG-SGA©) en haar subonderdelen, nl. de PG-SGA Short Form© (PG-SGA SF, Vak 1 t/m 4) en de Pt-Global app© zijn auteursrechtelijk beschermd en geregistreerde instrumenten. Door het downloaden van de meest recente versie van de PG-SGA© via de website of aankoop van de Pt-Global app© wordt automatisch toestemming verleend voor gebruik in uw klinische praktijk.

Indien u de PG-SGA© of Pt-Global app© in onderzoek gebruikt of in de toekomst wilt gaan gebruiken voor onderzoek, abstracts, publicaties, hoofdstukken in boeken, proefschriften etc., zie de FAQ “Moet ik toestemming vragen om de PG-SGA© of Pt-Global app© te kunnen gebruiken in onderzoek?”.

6. Moet ik toestemming vragen om de PG-SGA© en/of Pt-Global app© te kunnen gebruiken in onderzoek?

Ja. De PG-SGA© en haar subonderdelen, nl. de PG-SGA Short Form© (PG-SGA SF, Vak 1 t/m 4) en de Pt-Global app© zijn auteursrechtelijk beschermd en geregistreerde instrumenten. Voorafgaand aan alle gebruik buiten die in de directe patiëntenzorg is toestemming nodig van Faith Ottery, MD, PhD.

Indien u de PG-SGA©, PG-SGA SF©, of Pt-Global app© wilt gebruiken in onderzoek, dient het online aanvraagformulier te worden ingevuld en geretourneerd naar Dr. Ottery of info@pt-global.org.

Toestemming wordt verleend als een eenmalig gebruik voor het opgegeven project of publicatie. In het algemeen zal de toestemming voor een dergelijk gebruik niet worden geweigerd, behalve onder bijzondere omstandigheden en de reden voor een dergelijke inhouding zal worden verklaard door Dr. Ottery. Het doel van het vereisen van dit formulier is om gegevens over het gebruik van de PG-SGA© te beheren. Eventuele vragen kunnen worden gericht aan Dr. Ottery of info@pt-global.org.

NB Bij publicatie van de resultaten is het belangrijk om de PG-SGA© te gebruiken als trefwoord, zodat een volledige bibliografie van relevante artikelen beschikbaar is voor onderzoekers en professionals.

7. Hoeveel tijd heb ik nodig om de vragen in de Pt-Global app© in te vullen?

De PG-SGA©, waarop de Pt-Global app© is gebaseerd, is een patiëntgegenereerde evaluatie en voor patiënten, afhankelijk van hun klinische toestand, leesvaardigheid en zicht kost het meestal minder dan drie minuten om het patiëntdeel in te vullen. Voor sommige patiënten kan het langer duren. Voor de professional die de PG-SGA© routinematig gebruikt, duurt het scoren van het patiëntdeel van de Pt-Global app© (Patiënt, Gewicht, Inname, Symptomen en Activiteit) minder dan 1 minuut.

De tijd die nodig is voor de uitvoering van het voedingskundig lichamelijk onderzoek zal afhangen van de professionele ervaring en de mate waarin iemand zich vertrouwd voelt met het onderzoek. Het voedingskundig lichamelijk onderzoek kan als een integraal onderdeel van het routine patiëntonderzoek worden uitgevoerd. Het toekennen van punten aan het voedingskundig lichamelijk onderzoek binnen de Pt -Global app© wordt door de software in de app utgevoerd. De resultaten ervan worden weergegeven in het Resultatenscherm.

Voor professionals die regelmatig lichamelijk onderzoek uitvoeren, voegt het lichamelijk onderzoek in de PG-SGA© geen extra elementen toe. Vooral de globale aspecten van spiertonus (spierspanning) en spiermassa, vetmassa en de vochtstatus zijn dan onderdeel van het routineonderzoek bij de patiënt.

Voor professionals die niet veel ervaring met lichamelijk onderzoek hebben, of die er niet aan gedacht hebben vanuit voedingskundig oogpunt, zijn een globale beoordeling van de spieren, vet en vocht het enige wat nodig is, in plaats van het uitvoeren van alle afzonderlijke locaties in het lichaam zoals aangegeven op de tweede pagina van het PG-SGA© formulier. De mate van gedetailleerdheid was ontwikkeld in samenwerking met de Oncology Nutrition Dietetics Practice group of the Academy of Nutrition and Dietetics (1996) als een hulpmiddel voor diëtisten, toen lichamelijk onderzoek niet zo op grote schaal uitgevoerd werd professionals anders artsen. Het is belangrijk om te weten dat de totale score van het voedingskundig lichamelijk onderzoek drie punten is (< 8% van de totale potentiële score). Dit besef zet het lichamelijk onderzoek in perspectief, waarbij het een een belangrijk, maar minder intimiderend onderdeel van het totale PG-SGA assessment is.

8. Is het uitvoeren van het lichamelijk onderzoek in de Pt-Global app© verplicht?

Het uitvoeren van het lichamelijk onderzoek, dat deel uitmaakt van de Professional scherm, is niet verplicht, maar wel belangrijk. Het scoren van de PG-SGA© en het algoritme dat de Pt-Global app© ondersteunt is erop gebaseerd dat het grootste gedeelte (doorgaans 80-90% ) van de totale PG-SGA score wordt gegenereerd op het patiëntdeel van de Pt -Global app (de schermen Patiënt, Gewicht, Inname, Symptomen en Activiteiten). De patiëntgegenereerde aspecten worden ook wel aangeduid als de PG-SGA Short Form© (SF) of de abridged PG-SGA©.

Het is belangrijk op te merken dat de totale score van het lichamelijk onderzoek 3 punten is. Zelfs als men niet zeker is of het tekort matig versus ernstig is, of mild versus matig, zou het verschil slechts 1 punt zijn. Velen vinden de het uitvoeren van het lichamelijk onderzoek hierdoor minder intimiderend. De andere aspecten van het Professional deel van de PG-SGA©/Pt-Global app© zijn de aanwezigheid van koorts, duur van de koorts en het gebruik van corticosteroïden. Elk van deze variabelen hebben significante acute of chronische effecten op spiermassa en het functioneren.

Deze variabelen dienen in aanmerking te worden genomen bij de beoordeling van uw patiënt, zelfs als u alleen gebruik maakt van de PG-SGA Short Form©. Als de patiënt bijvoorbeeld een score heeft van 7 punten, maar corticosteroïden gebruikt of koorts heeft, dient dit te worden meegenomen in de keuze van de interventie. Daarbij zal moeten worden uitgegaan van een hogere score dan die is vastgelegd met de gegevens op basis van Vak 1 t/m 4 van de PG-SGA© (ook bekend als PG-SGA Short Form©).

Ook kan het uitvoeren van het lichamelijk onderzoek meer inzicht geven voor de professional. Zo kan de verdeling van het verlies van spiermassa belangrijk zijn. Als de patiënt is het grootste deel van haar tijd in bed of stoel verblijft, zal het verlies van spiermassa beneden de taille een combinatie van ‘disuse atrofie’ (verlies van spiermassa door gebrek aan lichamelijke activiteit) én ondervoeding zijn. Daarentegen is het verlies van spiermassa boven de taille meer gerelateerd aan ondervoeding. Daarnaast kan het lichamelijk onderzoek ook specifieke voedingstekorten aan het licht brengen die niet specifiek onderdeel zijn van de PG-SGA©, zoals schilferige dermatitis bij zinkdeficiëntie (en slechte wondgenezing), bij patiënten met chronisch hoogvolume GI verliezen, of een soortgelijke schilferende dermatitis bij tekort aan essentiële vetzuren bij een patiënt die waarbij geen lipiden zijn toegevoegd aan parenterale voeding.

De in de Pt-Global app© gescoorde punten worden getoond ongeacht de volgorde waarin de schermen worden afgerond en ongeacht de voltooiing van de Professional scherm. Een afgerond scherm zal worden gekenmerkt door het groene “vinkje”.

9. Wat betekenen de kleuren in het Resultaat scherm en de email waarin het Resultaat is weergegeven?

De kleuren staan symbool voor het ‘stoplichtsysteem’: rood betekent ‘ernstig probleem’, oranje betekent ‘waarschuwing’ en groen betekent ‘goed’.

10. Kan de patiënt de Pt-Global app© downloaden?

De Pt-Global app© richt zich momenteel op professioneel gebruik, met de bedoeling dat de patiënt het patiëntdeel zelfstandig kan invullen. Versie 1.1 bevat de Engelse, Nederlandse en Portugese taal. In de toekomst , als we de app verder te ontwikkelen en het aantal beschikbare talen verhogen, willen we het patiëntdeel van de app als download beschikbaar maken voor de patiënt, waardoor de patiënt de mogelijkheid wordt geboden om zelfstandig de app in te vullen.

11. Is de Pt-Global app© een gevalideerd instrument?

De Pt-Global app is gebaseerd op de PG-SGA©. De predictieve validiteit van de PG-SGA© (bijv. significante relatie met opnameduur in het ziekenhuis) is aangetoond bij patiënten met kanker (Laky et al., 2010) en niet-oncologische chirurgische patiënten (Huang et al., 2014). Bovendien is de PG-SGA score in verband gebracht met heropnames in het ziekenhuis (Bauer et al., 2002), de duur van neutropenische koorts bij patiënten met acute leukemie tijdens inductiechemotherapie (Esfahani et al., 2013) en de kwaliteit van leven van zowel patiënten met kanker (Citak et al., 2013; Malihi et al., 2013; Mohammadi et al., 2013; Zalina et al., 2012; Capuano et al., 2010; Shahmoradi et al., 2009; Isenring et al., 2003) en niet-kankerpatiënten (Campbell et al., 2008). Voor de volledige lijst van studies waarin de PG-SGA© is gebruikt zie de volledige lijst van publicaties.

Naast de volledige PG-SGA© is ook de PG-SGA Short Form© (ook bekend als abridged PG-SGA©) onderzocht. Ook hogere scores op de PG-SGA Short Form© zijn gerelateerd aan een langere opnameduur in het ziekenhuis, reductie in chemotherapie (verminderde chemotolerantie) en verhoogde mortaliteit (Vigano et al., 2014).

12. Kan ik de Pt-Global app© gebruiken op een desktop computer?

Ja, naast een app die verkrijgbaar is als download via de app stores voor gebruik op een tablet of een smartphone met een groot scherm, is de Pt-Global applicatie ook beschikbaar als webtool. Voor meer informatie zie ‘Pt-Global app’.

13. Wat wordt bedoeld met 'Referentienummer' in het Patiënt scherm?

Het Referentienummer verwijst naar anonieme identificatie van de patiënt. Het is de bedoeling dat u een anonieme code opgeeft waarmee u uw patiënt kunt identificeren.

14. Kan ik gegevens opslaan in de Pt-Global app©?

In versie 1.0 van de Pt-Global app© worden geen patiëntgegevens opgeslagen. In de toekomst willen we longitudinaal gebruik van de Pt-Global app© voor meerdere patiënten tegelijk mogelijk maken, bijvoorbeeld door het opnemen van een databasefunctie in de app. We houden u op de hoogte van deze ontwikkelingen.

15. Zal de Pt-Global app© worden geïntegreerd in het Electronisch Patiëntendossier?

Wij staan open voor samenwerking met zorginstellingen om de integratie van de Pt-Global app© in het elektronische patiëntendossier mogelijk te maken. Als u ideeën of opmerkingen hierover heeft, neem dan contact met ons op via info@pt-global.org of door het invullen van het contactformulier.

16. Kunnen we meerdere licenties voor de Pt-Global app© krijgen voor onze instelling?

We hebben speciale prijzen voor groepen. Indien u interesse heeft in meerdere licenties voor uw instelling, neem dan gerust contact met ons op via info@pt-global.org of door het invullen van het contactformulier.

17. Welke talen zullen worden opgenomen in de Pt-Global app©?

Versie 1.1 van de Pt-Global app is beschikbaar in de Nederlandse, Engelse en Portugese taal. Wij streven ernaar om in de toekomst ook andere talen op te nemen in de app. De volgende talen zijn beschikbaar of in voorbereiding (in alfabetische volgorde): Arabisch – Israël; Chinees; Engels-US, Canada, UK; Frans – Frankrijk, Belgisch, Zwitsers, Canadees; Duits – Duitsland, Zwitserland; Grieks; Hebreeuws – Israël; Italiaans – Italië, Zwitserland; Japans; Koreaans; Noors; Pools; Portugees; Russisch – Israël; Engels – US; Spaans – US; Zweeds; Thais; Vietnamees.

Indien u nog wensen heeft ten aanzien van andere vertalingen van de PG-SGA©, neem dan contact met ons op via info@pt-global.org of door het invullen van het contactformulier.

18. Ik heb technische problemen met het ontvangen van de email met het Resultaat. Wat kan ik doen?

Er zijn meerdere mogelijke oorzaken van het probleem. Zorg dat u het juiste emailadres heeft ingevuld en dat de mail niet in uw spam folder belandt. U kunt ook een ander emailaccount proberen, dat mogelijk beter werkt. Nadat u heeft geklikt op ‘Rapport versturen’ kunt u klikken op ‘Terug naar Pt-Global’. Vervolgens klikt u op het tabbad ‘Resultaat’, en kunt u opnieuw het resultaat versturen door op ‘Versturen’ te klikken en een ander emailadres in te vullen. Indien het probleem zich blijft voordoen, of wanneer u andere technische problemen heeft, neem dan a.u.b. contact op via info@pt-global.org of door het invullen van het contactformulier, zodat we u verder kunnen helpen.

19. Kan ik het Resultaat naar meerdere emailadressen tegelijk versturen?

Ja. U kunt een puntkomma achter elk emailadres plaatsen. Vanwege privacyredenen is het belangrijk dat het emailadres van de professional wordt gebruikt.

20. Hoe kan ik feedback geven voor verdere verbetering van de Pt-Global app©?

We waarderen het enorm als u uw suggesties en ideeën ter verdere verbetering en implementatie van de Pt-Global app in de klinische praktijk en onderzoek met ons wilt delen. Daarom zouden wij u graag uitnodigen om uw feedback te sturen naar ons, via info@pt-global.org of door het invullen van het contactformulier, of door het sturen van de feedback in de feedback optie in de Pt-Global app© zelf.